Pijn of een beperkte beweeglijkheid zijn de meest gehoorde klachten na een gebroken pols. De pijn kan zowel midden in de pols als meer aan de duim- of pinkzijde zitten. Daarnaast hebben mensen vaak last van een stijve hand of vingers en minder kracht in de hand.
Verschillende spieren uit de onderarm helpen bij bewegingen en stabiliteit van de pols. Er kunnen dus verschillende oorzaken zijn van polsklachten na een gebroken pols.
Pijn in de pols
Vaak ontstaan de klachten door de breuk zelf. Het kan zijn dat er een breuk in een van de handwortelbotjes gemist is; dat gebeurt in ongeveer 25% van de gevallen op de eerste foto. Daarnaast kan er schade ontstaan aan het kraakbeen in de pols (artrose). Of dit zo is, hangt af van de vorm en de ernst van de breuk.
Er kunnen ook banden in de pols scheuren. Dit is meestal niet te zien op de eerste foto. Vaak lijken de klachten in het begin mee te vallen, maar nemen ze toe in de loop van de maanden of jaren na een polsbreuk. De klachten bestaan meestal uit pijn bij steunen op de hand of kracht zetten; soms zit er een klik in de pols. Lees meer over bandletsel van de pols.
Pijn aan de pinkzijde (ulnaire polsklachten)
Pijn aan de pinkzijde van de pols na een val komt vaak door schade aan de meniscus van de pols. Kenmerkend zijn pijnklachten bij draaibewegingen en/of steunen op de pols. Lees meer over meniscusletsel van de pols.
Daarnaast zakt het spaakbeen vaak iets in door een polsbreuk. De ellepijp kan dan relatief te lang worden. Hierdoor zijn er vaak pijnklachten en een beperkte draaibeweging van de pols.
Pijn aan de duimzijde van de pols
Soms is er sprake van pijn, zwelling en knisperen ter hoogte van de duimzijde van de pols. Daarnaast kan er sprake zijn van pijn en/of beperking van de duimbeweging. Er kan dan sprake zijn van een overbelasting van een van de strekpezen van de duim. Een pols die gebroken is geweest, kan sneller overbelast raken. Lees meer over Quervain.
Welke behandeling er mogelijk en nodig is, hangt af van de oorzaak, de duur en de ernst van de klachten.
Handtherapie
Stabiele letsels, veroorzaakt door een ongeval, kunnen in het acute stadium behandeld worden met een gipsspalk. Hierna volgt een periode van handtherapie gedurende twee tot drie maanden om de pols soepeler en sterker te maken. Bij veel gebroken polsen verdwijnen uiteindelijk de klachten. De pijn van ouderdomsletsels kan ook verminderen met spalktherapie, pijnstillers (zoals ibuprofen en diclofenac) en corticosteroïdeninjecties.
Bestaan de klachten al langer, zijn de klachten ernstig of is er sprake van artrose, dan kan het zijn dat handtherapie onvoldoende werkt. In dat geval kan een operatie nodig zijn.
Operatieve behandelingen
Bij een gebroken botje kan de breuk behandeld worden met (langdurig) gips of een operatie.
Als er sprake is van gescheurde polsbanden zonder artrose (slijtage), dan kan het bandje opnieuw gemaakt worden. Is er al sprake van artrose, dan kan het nodig zijn om de pols (gedeeltelijk) vast te zetten.
De behandeling van het meniscusletsel is soms mogelijk met een spalk, maar vaak is er een operatie nodig.
Bij een overbelasting van de strekpezen van de duim kan vaak gestart worden met handtherapie en een spalk. Indien de klachten ernstig zijn of al langer bestaan, kan een ingreep nodig zijn.
Welke operatie voor jou geschikt is, bespreek je samen met je dokter op het spreekuur.
Na de operatie heb je een (gips)spalk om de arm en een mitella. Het is verstandig de geopereerde hand de eerste week hoog te houden, ook ’s nachts, bijvoorbeeld op een kussen. Het is daarbij belangrijk dat je regelmatig je schouder, elleboog en vingers beweegt. De (gips)spalk wordt door de handtherapeut vervangen na een aantal dagen. Hierna start de nabehandeling bij de handtherapeut.
Na deze ingreep kunnen de volgende complicaties optreden:
- Stijfheid van het polsgewricht
- Chronisch pijnsyndroom
- Infectie
- Bloeduitstorting
- Rest-instabiliteit van het gewricht
De klachten zijn nooit meteen helemaal weg na de operatie. Als het operatiegebied genezen is, moeten de pezen, spieren en gewrichten van de pols nog wennen aan de nieuwe situatie en geven ze in het begin nog pijnklachten bij inspanning. Afhankelijk van de ernst van de aandoening kan het 3 tot 9 maanden duren voordat het eindresultaat bereikt is. Het doel is goede pijnvermindering en een goede belastbaarheid van de pols. Wanneer je fysiek zwaar werk hebt, of je pols intensief belast tijdens je hobby’s en/of sport, dan is het soms raadzaam om deze activiteiten pas in een latere fase te hervatten of hierbij nog een beschermende spalk of brace te dragen. Je handtherapeut stelt samen met jou hiervoor een plan op.
